Veelgestelde vragen

Wij krijgen veel vragen toegestuurd. Hieronder zullen we de meest gestelde vragen beantwoorden.

Wat is het doel van het LCPS?
Het LCPS heeft als doel om de werklast van de patiëntenzorg in ziekenhuizen tijdens de crisis zo effectief mogelijk spreiden over heel Nederland.

Wat doet het LCPS?
De opdracht van het LCPS is het creëren van een landelijk dekkend systeem, waarmee patiënten worden verdeeld over de beschikbare zorgcapaciteit in Nederland. Daarnaast is het LCPS begin april begonnen met de verdeling van de centraal ingekochte beademingsapparatuur naar Nederlandse ziekenhuizen.

Hoe is het LCPS georganiseerd?
De werkwijze van het LCPS is gericht op het zoveel mogelijk in stand houden van bestaande structuren binnen de zorg. Hierbij staat het LCPS primair in contact met de verschillende Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ) regio’s. Alle ziekenhuizen binnen Nederland vallen weer binnen een ROAZ regio.

Welke patiënten verplaatst het LCPS?
Het LCPS richt zich alleen op bovenregionale patiënt verplaatsingen. Dat betekent dat verplaatsingen tussen ziekenhuizen binnen één regio niet door het LCPS gecoördineerd worden. Het LCPS verplaatst klinische- én IC-patiënten, en maakt daarin geen onderscheid tussen COVID en non-COVID patiënten.

Hoe werkt het LCPS?
Binnen het LCPS is een team 24/7 bezig met het coördineren van bovenregionale patiëntverplaatsingen. Een ander team richt zich juist op het opstellen van een voorspellend model en het daaraan verbinden van acties en maatregelen. Tot slot is er een team dat zich richt op het organiseren van het aanbod en de vraag naar benodigde resources, om de doelstelling van het LCPS te ondersteunen.

Waarom verplaatst het LCPS IC-patiënten naar Duitsland, terwijl er in Nederland gewoon capaciteit is?
Hier zijn 3 redenen voor. Ten eerste verwacht het LCPS nog steeds een toename van IC opnamen in de komende 2 weken. Ten tweede zijn de Nederlandse IC’s opgeschaald, waarbij IC verpleegkundigen en intensivisten de zorg hebben voor meer patiënten dan normaal. Verplaatsing van patiënten naar Duitsland kan daarmee de intensive care zorg in Nederland ontlasten en de kwaliteit voor patiënten verbeteren. Ten derde is er momenteel plek op de IC’s in Duitsland voor Nederlandse patiënten, en is het onzeker hoe zich dit de komende weken zal ontwikkelen. Het belangrijkste nadeel voor patiënten en familie is de afstand. Daar probeert LCPS zoveel mogelijk rekening mee te houden in de plaatsing van patiënten.

Wat is de rol van het LCPS in de terugkeer van patiënten die in Duitsland op de IC liggen?
Afgelopen periode zijn er meerdere patiënten naar IC plekken in Duitsland verplaatst. Het LCPS heeft het overzicht van patiënten die momenteel in Duitsland zijn opgenomen. De regie voor de terugkeer van patiënten vanuit Duitsland naar een Nederlands ziekenhuis ligt bij het LCPS. Dit geldt ook in geval van overlijden. Uitgangspunt bij het terugplaatsen van patiënten naar Nederland is dat dit in gang wordt gezet indien de patiënt voldoende hersteld is en geen IC zorg meer nodig heeft.

Hoe weet het LCPS of een bed beschikbaar is?
Eén perfect systeem om meteen te kunnen zien waar in Nederland bedden beschikbaar zijn, bestaat (nog) niet. Het LCPS werkt met een combinatie van NICE, de dagelijkse input van de Regionale Overleggen voor Acute Zorg (ROAZ), en het Landelijk Platform Zorgcoördinatie om het meest complete beeld te krijgen. Daarnaast belt het LCPS altijd met het ontvangende ziekenhuis of de beschikbare plek inderdaad beschikbaar is.

Welke informatie is te zien in NICE?
Het LCPS maakt gebruik van een systeem dat voor de Corona-crisis al bestond: de Nationale Intensive Care Evaluatie (NICE). IC artsen in alle ziekenhuizen houden hier in bij hoeveel patiënten zijn opgenomen en wie er weer naar huis mochten of zijn overleden.
Nadeel van dit systeem is dat artsen zelf de gegevens moeten invoeren. Daar hebben ze niet altijd meteen tijd voor. Zeker in deze drukke tijd gaat hun eerste aandacht naar de patiënt. Daardoor zijn de cijfers van NICE niet meteen actueel. Zo kan het gebeuren dat een patiënt die in het weekend is opgenomen, pas op maandag wordt geregistreerd.

Welke informatie geeft de dagelijkse input van de ROAZ regio’s?
Een tweede bron van gegevens voor het LCPS zijn de 11 Regionale Overleggen voor Acute Zorg (ROAZ) die we in Nederland hebben. Elke ROAZ belt elke ochtend alle ziekenhuizen in de eigen regio met de vraag: hoeveel patiënten – met en zonder corona – zijn opgenomen op de IC en in het ziekenhuis? En hoeveel bedden zijn er nog vrij? Dat geven zij vervolgens door aan het LCPS.
Nadeel van dit systeem is dat het een momentopname is. De bedden die vrij zijn in de ochtend, zijn misschien een uur later al weer bezet door overname van patiënten uit de eigen verpleegafdeling.

Welke informatie haalt het LCPS uit het Landelijk Platform Zorgcoördinatie?
Om real-time inzicht van de capaciteit te hebben werkt het LCPS aan de invoering van het Landelijk Platform Zorgcoördinatie. Dit systeem haalt zelf automatisch gegevens over bezette en vrije bedden op uit de elektronische patiëntendossiers van ziekenhuizen. Dit systeem is het meest accuraat, maar het is ook niet perfect. Zo kan de dynamiek in een ziekenhuis (bijvoorbeeld veel patiënten opgenomen op de verpleegafdeling waarvan verwacht kan worden dat die de komende uren gaan doorstromen naar de IC) niet in dit systeem gevangen worden.

Waar baseert het LCPS het aantal Nederlandse COVID-patiënten op de IC op?
LCPS maakt dagelijks het aantal Nederlandse COVID-patiënten op de IC bekend in de media. Daarvoor baseert LCPS zich op de dagelijkse uitvraag via de ROAZ en de rapportage van het aantal COVID-patiënten in NICE. Ondanks de enorme inzet van de ziekenhuizen loopt de NICE registratie achter. Daarom maakt LCPS een schatting op basis van de informatie over het actuele aantal COVID-patiënten die ROAZ-regio’s dagelijks aan LCPS aanleveren in combinatie met NICE. NICE is en blijft de primaire bron.

Hoe werkt het LCPS samen met het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH)?
Het LCH werkt aan de inkoop en distributie van medische hulpmiddelen waarin tekort dreigt, zoals maskers, jassen, schorten, spatbrillen, en diagnostische testen. Ook de beademingsapparaten worden ingekocht door LCH. Het LCPS verzorgt de verdeling van de beademingsapparaten, de distributie wordt vervolgens weer verzorgd door het LCH. Het LCH en LCPS werken op verschillende manieren samen. Zo vindt er afstemming plaats van hulpaanbod binnen de scope van het LCH, wordt informatie gedeeld over voorspellingen en houden we zicht op de beschikbaarheid van kritische hulpmiddelen in relatie tot de te verwachte zorgvraag.

Wilt u ons helpen?

Heeft u iets te bieden waarmee wij nog meer mensen kunnen helpen?
Registreer uw hulpaanbod dan via onze zustersite nlinzorg.nl